Zum Inhalt springen

EU-Rechtsprechung · Gericht der Europäischen Union

ECLI:EU:T:2003:241

ECLI: ECLI:EU:T:2003:241Entscheidung vom: 23.09.2003

«Gemeenschapsmerk – Verordeningen (EG) nrs. 40/94 en 2868/95 – Oppositieprocedure – Normaal gebruik van ouder merk – Omvang van onderzoek door kamer van beroep – Beoordeling van in procedure voor oppositieafdeling overgelegde bewijzen» Samenvatting van het arrest Gemeenschapsmerk – Beroepsprocedure – Beroep ingesteld tegen beslissing van oppositieafdeling van Bureau – Onderzoek door kamer van beroep – Omvang(Verordening nr. 40/94 van de Raad, art. 61, lid 1, en 62, lid 1) ARREST VAN HET GERECHT (Tweede kamer)23 september 2003 (1) „Gemeenschapsmerk – Verordeningen (EG) nr. 40/94 en (EG) nr. 2868/95 – Oppositieprocedure – Normaal gebruik van ouder merk – Omvang van onderzoek door kamer van beroep – Beoordeling van in procedure voor oppositieafdeling overgelegde bewijzen” verzoekster, tegen verweerder, andere partij bij de procedure voor de kamer van beroep van het Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen): LHS (UK) Ltd, gevestigd te Cheadle Hulme (Verenigd Koninkrijk), HET GERECHT VAN EERSTE AANLEG (Tweede kamer), gezien de stukken en na de terechtzitting op 15 januari 2003, het navolgende HET GERECHT VAN EERSTE AANLEG (Tweede kamer), Forwood Pirrung Meij De griffier De president van de Tweede kamer H. Jung N. J. Forwood 1 – Procestaal: Engels.Jurispr.

Amtliche Sprachfassungen

Diese Entscheidung liegt in folgenden Amtssprachen der Union vor — alle gleichermaßen verbindlich.

ΕλληνικάEnglishEspañolFrançaisItalianoNederlandsPortuguês